Welkom en tot niet ziens

Klaar met het verbinden,
Ben ik wat waar toch niet helemaal,
Per ongeluk verslinden,
Je huid, je ziel, je ik,
Niet meer dat zijn, is vast onterecht.

Dan maar de zondvloed,
Ik prefereer een slopend eind,
Blijf ik het pretenderen proberen, maar het bloedt,
Hechten zij het lichaam, niet de geest,
“We zijn er voor je” maar nog nooit geweest.
Een intake, een gesprek, een uur als waar
bevind ik mij precies op deze plek,
Maar je hoort hier niet, zegt ze
Je valt niet in de behandelbare categorie.

Wat door mijn ziel heen snijdt voelt slecht,
Aangewezen op jezelf, het met-mezelf-gevecht.